Arteriitis temporalis (AT) is de meest voorkomende vorm van reuscel arteriitis, een systemische vasculitis van de grote en middelgrote arteriën. De incidentie is ongeveer 1 per 5000 patiënten boven de 50 jaar. Verschillende takken van de arteria carotis externa kunnen aangedaan zijn, waarvan de arteria temporalis het vaakst. De symptomen van AT zijn afhankelijk van welke bloedvaten zijn aangedaan en van de mate van aantasting van die bloedvaten, variërend van vasculaire schade tot occlusie van het lumen.
1
Een typische presentatie van AT is nieuw ontstane hoofdpijn bij een patiënt van boven de 50 jaar. Bij onderzoek blijkt er sprake van een pijnlijke arteria temporalis en/of afgenomen pulsaties en een verhoogde bezinking. Andere symptomen zijn bijvoorbeeld visusstoornissen, kaakclaudicatio en een gevoelige hoofdhuid (‘haarkampijn’). Permanent visusverlies komt voor bij 15-20% van de patiënten met AT. Van de patiënten met AT heeft of ontwikkelt 40 tot 60% tevens polymyalgia rheumatica. Heel zelden wordt linguale of hoofdhuid infarcering gezien.
123
Om een hoofdhuidulcus te ontwikkelen moet de meerderheid van de vier vaten die de temporale regio van de hoofdhuid voorziet (a. temporales, frontales, retroauriculares en occipitale) aangedaan zijn. De mate van anastomose, en van aantasting, van de vaten bepaalt de ernst van de ischemische complicaties, variërend van een hypersensitieve huid tot necrose.
34
Prognostisch is het hebben van een ulcus bij AT ongunstig. Het hebben van een ulcus bij AT is geassocieerd met een hogere incidentie van visusproblemen (69,4 versus 20%) en tongnecrose. Tevens is het geassocieerd met een hogere mortaliteit (23,7 versus 6,8%). Dit komt meestal door cardiovasculaire oorzaken of secundaire infecties. Ten slotte wordt de diagnose bij patiënten met een ulcus later gesteld dan bij patiënten zonder ulcus.
345 Dit komt doordat een hoofdhuidulcus niet altijd meteen tot de diagnose AT leidt; er is een uitgebreide differentiaaldiagnose te bedenken, waaronder maligniteiten, infecties en andere vasculitiden.
Deze vertraging in de diagnose kan leiden tot een ernstiger beloop. Hoofdhuidnecrose, tongnecrose en visusverlies zijn tekenen van ernstige, uitgebreide en progressieve AT. Dit zijn dus tevens tekenen van een verlate diagnose: het heeft immers al tot deze ernstige complicaties kunnen leiden. In de literatuur is geen enkele casus te vinden waar een hoofdhuidulcus bij AT optreedt na de start met een adequate behandeling.
3
Indien de huisarts iemand met een hoofdhuidulcus verdenkt van AT, is het essentieel om behandeling met een glucocorticosteroïd zo snel mogelijk te starten. Hiermee kunnen irreversibele complicaties en een verhoogde mortaliteit voorkomen worden.
13